Jongens voetballen op het kunstgras trapveld in Harderwijk

Wordt kunstgras warm in de zon en in de zomer?

Deel alvast met een collega
Naar beneden scrollen

Ja. In direct zonlicht wordt kunstgras warmer dan natuurgras. Levend gras verdampt water en koelt daarmee zichzelf. Kunststofvezels doen dat niet, dus qua opwarming lijkt kunstgras meer op bestrating dan op een gazon.

Er bestaat geen algemeen geldig temperatuurgetal voor kunstgras. Hoe warm een oppervlak wordt hangt af van kleur, vezeltype, instrooiing, de ondergrond eronder, bewolking, wind en het tijdstip van de dag. Getallen die je online tegenkomt gelden voor de omstandigheden waarin ze gemeten zijn, niet voor elk veld.

Waarom kunstgras warmer wordt dan gras

Een natuurlijk gazon werkt als een verdampingsmachine. Het onttrekt water aan de bodem en geeft dat via de bladeren af aan de lucht. Dat kost energie die anders in opwarming was gaan zitten. Kunstgras heeft die waterhuishouding niet, dus de zonne-energie die op het oppervlak valt wordt grotendeels warmte aan dat oppervlak. Donkere kleuren nemen daarbij meer straling op dan lichte. Zodra de zon weg is, koelt het oppervlak ook weer relatief snel af.

Wordt kunstgras warmer dan een rubberen ondergrond?

Niet automatisch. In een gecontroleerde buitenopstelling in Sydney zijn op 9 februari 2022, bij onbewolkt weer en een luchttemperatuur van circa 32 °C, acht speeloppervlakken naast elkaar gevolgd met een infraroodcamera. De hoogste gemeten oppervlaktetemperaturen waren: kunstgras met lange vezel 84,5 °C, donkerblauw SBR-rubber 81,1 °C, donkergroen EPDM 77,8 °C, donkerbruin TPV 71,8 °C, blauw TPO 65,0 °C, natuurgras 55,1 °C, beige EPDM 53,7 °C en wit TPO 48,7 °C.

Twee dingen vallen daarbij op. Kleur weegt zwaarder dan materiaalsoort: tussen het donkerste en het lichtste rubberoppervlak zat ruim 32 °C verschil, meer dan het verschil tussen kunstgras en het warmste rubber. En het geteste langvezelige kunstgras was in die opstelling juist het warmste oppervlak. Wij stellen daarom niet dat kunstgras koeler is dan rubber.

Let op de reikwijdte van deze cijfers. Ze komen uit een meetdag in een Australische zomer, bij een hogere zonnestand en instraling dan in Nederland, en gelden voor de daar beproefde opbouwen. Ze laten de onderlinge verhouding zien, niet de temperatuur die een specifiek veld hier bereikt. Bron: Pfautsch, Wujeska-Klause en Walters, Building and Environment 223 (2022).

Oppervlaktetemperatuur is niet hetzelfde als hittestress

Een oppervlaktetemperatuur zegt iets over het materiaal, niet direct over de belasting van de gebruiker. Hoe zwaar hitte werkelijk uitpakt hangt af van de luchttemperatuur, de luchtvochtigheid, de wind, de directe zonbelasting, het type oppervlak en de kleding. In sport en in de bouw wordt die combinatie daarom beoordeeld met de Wet Bulb Globe Temperature (WBGT) en niet met een enkel oppervlaktegetal.

Daar komt bij dat kunstgras geen thermisch uniforme categorie is. Garenkleur, het al dan niet toepassen van rubberinfill, de shockpad en de mate waarin een systeem water vasthoudt beïnvloeden het thermische gedrag van de opbouw. Colin Young van vezelproducent TenCate beschrijft dit in een vakpublicatie van augustus 2025 en noemt zwarte SBR-infill als de ongunstigste variant. De onderliggende lab- en veldmetingen zijn in die publicatie niet opgenomen, dus wij gebruiken dit als technische duiding en niet als bewijs voor een specifiek product.

Voor een schoolplein, speelplek of sportveld betekent dit dat de vraag niet alleen is welk materiaal er ligt, maar ook waar het ligt, wanneer het gebruikt wordt, hoeveel schaduw er is en hoe het systeem is opgebouwd.

Wat dit betekent op een schoolplein of speelveld

In het Nederlandse en Belgische klimaat gaat het om een beperkt aantal dagen per jaar, en dan vooral rond het heetst van de dag op een plek zonder schaduw. Op zulke momenten voelt het oppervlak warm aan om op te zitten of blootsvoets te betreden, net als tegels of asfalt. Beheerders lossen dat op dezelfde manier op als bij verharding: schaduw opzoeken, het gebruik verschuiven naar de ochtend of de late middag, en bij aanhoudende hitte afspraken maken over pauzes en drinken. Het oppervlak natmaken koelt tijdelijk, maar dat effect verdwijnt zodra het water verdampt is.

Waar je in het ontwerp invloed op hebt

De meeste winst zit niet in de mat maar in de plek. Schaduw van bomen, een luifel of een gebouw scheelt het meest, want straling die het oppervlak niet bereikt kan ook geen warmte worden. Verder helpt het om niet het hele terrein te verharden of te vergrassen, maar kunstgras te combineren met beplanting en met plekken waar water de bodem in kan. Kleur speelt mee: een lichtere of gemeleerde vezel neemt minder straling op dan een diepdonkere. Wij schrijven kunstgras zelf geen koelend effect toe, want dat kunnen wij niet aantonen.

Speelt hitte een rol in jouw project, bijvoorbeeld op een schoolplein zonder bomen? Leg de situatie voor tijdens een orientatiegesprek, dan kijken we samen naar indeling, schaduw en materiaalkeuze. Een eerlijk overzicht van de andere afwegingen staat bij de nadelen van kunstgras.

Heb je een prangende vraag maar nog geen antwoord?

Wij staan voor je klaar!